(Tijd: ong. 1977-1984. Plaats: Hoogkarspel)
Wij gaan nu even terug in de tijd, niet zo heel ver dit keer, maar ongeveer naar de basisschooljaren van onze zoons, dus even rekenen…..het begon, denk ik, in 1977. Toen werd ik en vele andere moeders in het dorp gevraagd te komen helpen.
Er werden leesmoeders gezocht, keuzehobby-uurmoeders, rekenmoeders en later zelfs ook nog hakketakmoeders. Rustig maar, ik leg het u allemaal uit.
Ik begon als leesmoeder. Twee keer per week kwam ik in de eerste klas bij die schattige kindertjes, die net met lezen begonnen waren. Ze hadden allerlei kaartjes waarop woordjes stonden en verschillende letters, kortom deze leesmoeder is het precieze ervan totaal vergeten. Maar het was gezellig. Je werd meestal aangesproken met “moeder van…” door de kinderen. Zo kon het gebeuren dat ik plots een jongetje met een beetje zware stem hoorde zeggen: “Moeder van M., mag ik u een kus geven?” Ha, dat mocht, dat voelt u wel, hè?
Later kwam het echte lezen: het niveau lezen, door de kinderen –ja, wisten zij veel- ‘nívolezen’ genoemd, met de klemtoon op de i. Men las op zijn/haar eigen niveau. Dat was ook heel gezellig, de meeste kinderen deden het met plezier.. Er waren veel kinderen, die oorspronkelijk uit A’dam afkomstig waren. Zo hoorde ik een jochie eens reuze zijn best doen: “….de sjon die sjeen sjo heerlijk sjoon….” Intussen las ik in twee klassen, in die van de jongste en die van de oudste zoon. Vier maal extra heen en weer fietsen.
In de zesde klas had ik een groep van drie zich heel moeilijk concentrerende jongetjes. Of ik er nog enig succes mee geboekt heb, dat weet ik niet. De ene zat meer onder de tafel dan dat hij in zijn boek keek en de andere zat meestal met een lekkende vulpen wat te tekenen en de derde zat te suffen, dacht ik. Als ik moest noteren in een schrift waar we gebleven waren –meestal nog geen hele bladzijde verder- reikte die ene knaap behulpzaam zijn vieze vulpen aan om mij terwille te zijn, heel aardig, hoor! Zelf zat hij na het nivolezen ook helemaal onder de inkt. Ik overlegde natuurlijk wel eens met juf, of ik het wel goed deed, zoals het ging. “O ja” zei zij, u heeft veel geduld, ze komen met plezier bij u; allicht leren ze dan wat.!”
Later ben ik nog keuzehobby-uurmoeder geweest, zelfs rekenmoeder (brrr); ik zou u daar ook nog heel wat over kunnen vertellen. Misschien komt dat nog een keertje…..Alleen voor hakketakmoeder heb ik bedankt. Het woord alleen al. Dan moest een moeder de kinderen helpen met allerlei moeilijke woorden in een schrijft te schrijven, het zogenaamde hakketakschrift. “Ja, ’t is goed!” zei ik tot mijzelf. “Dat wordt mij te gek! Ze hakketakken maar zo veel ze willen, maar dan zonder mij.” Een hakketakmoeder, zegt u nu zelf.
Tijden veranderen. Ze zijn er, denk ik niet meer, al die steuntroepen ( soms ook vaders een enkele keer; was ik vergeten, sorry.) Andere tijden, lieve lezers. Toch heb ik daar hele goede herinneringen aan en er kwamen veel vriendschappen uit voort, zowel tussen de kinderen als tussen de moeders.